Tekst (smal)

De Vervoerregio en de EU: hoe zijn zij met elkaar verbonden?

De Vervoerregio Amsterdam werkt aan een regio waar mensen vlot hun bestemming bereiken. Maar een goed bereikbare metropoolregio stopt natuurlijk niet bij de grenzen van de regio. Daarom werken we goed samen met omliggende provincies, het Rijk, en zelfs de Europese Unie. De afstand tot de EU kan soms echter groot voelen. Een groep bestuurders van het Platform Mobiliteit van de Metropoolregio Amsterdam bezocht daarom afgelopen woensdag een aantal Europese instellingen om antwoord op de vraag te vinden: hoe kunnen wij de verbinding tussen onze regio en Europa versterken?

Foto van een trein op station Amsterdam Zuid

Om antwoord op die vraag te vinden ging onze delegatie langs bij de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland (de ambassade die in Brussel de belangen van Nederland behartigt), het kabinet van Eurocommissaris Wopke Hoekstra, het Huis van de Nederlandse Provincies en koepelorganisaties UITP, POLIS en Eurocities. In deze gesprekken keerden steeds een aantal thema’s terug die op zowel regionaal en Europees niveau van groot belang zijn, en waar de samenwerking dan ook cruciaal is.  

TEN-T , internationale treinverbindingen en stedelijke mobiliteit
Het Trans-Europees Transportnetwerk (TEN-T) is een EU-verordening die eisen stelt aan wegen, spoor, stations, luchthavens en havens om Europese steden en regio’s te verbinden. Het netwerk bestaat uit negen internationale vervoerscorridors en twee overkoepelende prioriteiten:
het Europees beheersysteem voor het spoorverkeer (ERTMS) en de Europese maritieme ruimte.

Voor de Metropoolregio Amsterdam zijn de corridors Noordzee–Rijn–Middellandse Zee en Noordzee–Oostzee van belang. Amsterdam, Haarlem en Almere fungeren hierin als ‘urban nodes’: cruciale knooppunten waar vervoersnetwerken samenkomen in dichtbevolkte gebieden en multimodaal vervoer centraal staat. Uiterlijk in 2027 moet elke ‘urban node’ beschikken over een Sustainable Urban Mobility Plan (SUMP). In dit plan moeten stedelijke of regionale mobiliteitsmaatregelen ook rekening houden met dit grotere Europese netwerk. In onze regio is het beleidskader van de Vervoerregio Amsterdam aangesteld tot SUMP.

Marja Ruigrok, vicevoorzitter van de Vervoerregio legt uit hoe projecten zoals de verlenging van de Noord/Zuidlijn en het derde perron op Amsterdam Zuid al volop rekening houden met het Europese netwerk. “Met de verlenging van de Noord/Zuidlijn wordt niet alleen de bereikbaarheid van nieuwe woon- en werklocaties in de buurt verbeterd, door de drukte in de Schipholspoortunnel te verminderen is er straks meer internationaal treinverkeer mogelijk. Zo zijn we straks nog beter verbonden met de rest van Europa.”

Mobiliteit en klimaat
Stedelijke regio’s spelen een belangrijke rol in de uitvoering van Europese klimaatambities, denk daarbij bijvoorbeeld aan de zero-emissiezones die we al hebben in Amsterdam en Schiphol, maar ook aan onze inzet op duurzame mobiliteit met ons regionaal netwerk van doorfietsroutes, of de elektrificatie van het openbaar vervoer.  

Met het Sociaal Klimaatfonds ondersteunt de EU haar lidstaten hier ook bij. Bijvoorbeeld met betaalbare (bijna) zero-emissiemobiliteit en het tegengaan van energie- en vervoersarmoede. Voor Nederland was hiervoor € 720 miljoen (2026–2032) beschikbaar. Het is dus belangrijk dat er vanuit de regio’s goede contacten worden onderhouden met de EU, zodat zij ook echt aanspraak kunnen maken op dit soort ondersteuning.

Samenwerken
Met de hoge concentratie bedrijven, kennisinstellingen, de haven en Schiphol vormen de Vervoerregio en Metropoolregio al een belangrijke toegangspoort tot Europa. Om onze regio ook in de toekomst goed internationaal verbonden te houden, is een goede samenwerking met de EU cruciaal.